‘Het gaat niet om wie het ‘verdient’’: Graham Denny over armoede hulp zonder voorwaarden

In de Walton Shop aan High Street in Felixstowe wijst hij naar de rekken vol jassen, jurken en kinderschoenen. Alles kost twee pond. Altijd twee pond. Sinds de eeuwwisseling, toen hij Basic Life Charity oprichtte. “Paperback boeken veertig pence, hardbacks zestig. Kleding twee pond per item. We hebben de prijzen nooit verhoogd.” Hij lacht. “Zero inflation. Daar kan de regering nog wat van leren.”

Denny is de oprichter en het gezicht van Basic Life, een liefdadigheidsorganisatie die in Felixstowe en omgeving inmiddels onmisbaar is geworden. De organisatie runt twee depots en drie tweedehandswinkels – twee in Felixstowe, één in het naburige Woodbridge – en stond aan de wieg van de zogeheten pop-up food shops, laagdrempelige voedseluitgiftes waar mensen voor twee pond een tas boodschappen mogen vullen.

We ontmoeten Denny op een drukke dag. Eerst bij zijn online Whatnot live show, waar hij samen met zijn dochter Sarah tweedehands kleding, sieraden en schoenen verkoopt aan kijkers uit heel Engeland, en ver daarbuiten. Daarna rijden we naar de winkel in Walton, een wijk waar de armoede zichtbaarder is dan langs de boulevard.

Twintig jaar geleden zag zijn leven er totaal anders uit. Denny werkte als managing director bij een scheepvaartbedrijf, had veel te maken met de haven van Felixstowe. “Ik reed met een BMW, woonde in een huis met dertien slaapkamers,” vertelt hij bijna nonchalant. Het scheepvaartbedrijf kreeg het zwaar door de Chinese invloeden in de haven en Denny had onenigheid met zijn zakenpartner, hij stopte en ging fulltime aan het werk voor Basic Life.  Nu heeft hij een kleine auto met krassen en een huis met drie kamers. “Maar ik ben zoveel gelukkiger.”

Het idee voor Basic Life ontstond simpel. Mensen brachten spullen, hij verkocht ze goedkoop, en met de opbrengst hielp hij mensen uit de buurt. “Alles wat we verdienen, blijft lokaal. Mensen moeten kunnen zien, voelen en aanraken waar hun geld naartoe gaat.” Dat vertrouwen bleek cruciaal. 

“Iedereen in Felixstowe kent wel iemand die we hebben geholpen. Een rolstoel, een paar honderd pond om de elektriciteitsrekening te betalen, een kleine vakantie voor mantelzorgers.”

Sinds 2013 richt Denny zich volledig op de stichting. In die jaren groeide Basic Life explosief. Supermarkten gingen samenwerken en doneerden voedsel dat anders zou worden weggegooid. Zo ontstonden de pop-up food shops. Geen formulieren, geen bankafschriften, geen doorverwijzingen van instanties. “Je betaalt twee pond, en je kiest zelf wat je nodig hebt,” zegt Denny. “Dat is belangrijk. Psychologisch werkt dat veel beter dan een voedselpakket.”

Kritiek krijgt hij ook. Dat mensen die het ‘niet nodig hebben’ profiteren. Denny haalt zijn schouders op. “Als iemand een paar blikken bonen en wat brood meeneemt die hij misschien zelf had kunnen betalen, dan moeten wij daar groter dan zijn.” Hij buigt iets naar voren. “Wij willen geen extra drempels opwerpen. Mensen die echt in de problemen zitten, vinden het invullen van die papieren heel moeilijk.”

Naast voedsel biedt Basic Life ook directe financiële hulp. Maximaal vijfhonderd pond per persoon of gezin. Soms kan Denny nog dezelfde dag geld overmaken. “Ik krijg persoonlijke mails. Sommige zijn scams, die herken ik inmiddels. Maar de echte verhalen… mensen die schrijven dat ze huilen omdat ze eindelijk hun rekening kunnen betalen.” Hij pauzeert even. “Ik voel me enorm bevoorrecht dat ik dat kan doen.”

Romée Pietersen
Romée Pietersen
Artikelen: 23